Dell OptiPlex GX280 DHP, OptiPlex GX280 DHS, OptiPlex GX280 DCNE Handleiding

Inleiding
Opmerkingen, mededelingen en waarschuwingen
OPMERKING: Een OPMERKING geeft belangrijke informatie aan die u helpt uw computer beter te gebruiken.
MEDEDELING: Een MEDEDELING duidt op mogelijke schade aan hardware of verlies van gegevens en vertelt u hoe u het probleem kunt vermijden.
EEN WAARSCHUWING duidt op de mogelijkheid van schade aan eigendommen, persoonlijk letsel of overlijden.
Als u een Dell™ n Series-computer hebt gekocht, zijn alle verwijzingen in dit document naar Microsoft® Windows®-besturingssystemen niet van toepassing.
De snelstartgids, de cd met drivers en hulpprogramma's en de installatiemedia van het besturingssysteem zijn optioneel en worden mogelijk niet bij alle computers geleverd.
Informatie zoeken voor uw computer
| Wat zoekt u? | U vindt het hier |
| Cd met drivers en hulpprogramma's (ook wel de ResourceCD genoemd)![]() Documentatie en drivers zijn al op uw computer geïnstalleerd. U kunt de cd gebruiken om drivers opnieuw te installeren, Dell Diagnostics uit te voeren of uw documentatie te openen. |
| Desktop System Software (DSS) Te vinden op de cd met drivers en hulpprogramma's en de Dell Support-website op support.dell.com. |
| Productinformatiegids ![]() |
| Dell™ OptiPlex™ Gebruikershandleiding Microsoft ® Windows ® XP Help en ondersteuning
|
| Servicetag en Microsoft Windows-licentie Deze labels bevinden zich op uw computer.
|
| Dell Support-website — support.dell.com
|
| Dell Premier Support-website — premiersupport.dell.com De Dell Premier Support-website is aangepast voor zakelijke, overheids- en onderwijsklanten. Deze website is mogelijk niet in alle regio's beschikbaar. |
| Windows Help en ondersteuning
|
| Cd van het besturingssysteem Het besturingssysteem is al op uw computer geïnstalleerd. Gebruik de cd van het besturingssysteem om uw besturingssysteem opnieuw te installeren. Raadpleeg uw OptiPlex-gebruikershandleiding voor instructies. ![]() Nadat u uw besturingssysteem opnieuw hebt geïnstalleerd, gebruikt u de cd met drivers en hulpprogramma's (optioneel) om drivers opnieuw te installeren voor de apparaten die bij uw computer zijn geleverd. Het label met de productcode van uw besturingssysteem bevindt zich op uw computer. |
|
|
Aanzichten voor- en achterkant
Small Form-Factor Computer

Small Desktop Computer

Desktop Computer

Small Mini-Tower Computer


Small Mini-Tower Computer — Voorpaneeldeur en scharnierarmen
Om schade aan uw computer te voorkomen, is de voorpaneeldeur ontworpen om te "breken" als deze te ver omhoog of omlaag wordt geduwd.
Voordat u begint met een van de procedures in deze sectie, dient u de veiligheidsinstructies in de Productinformatiegids te volgen.
De voorpaneeldeur opnieuw bevestigen:

Om de scharnierarmen opnieuw te bevestigen, verwijdert u eerst de voorpaneeldeur door deze voorzichtig van de twee scharnierarmen te klikken:

Mini-Tower Computer

De computerklep openen
Voordat u begint met een van de procedures in deze sectie, dient u de veiligheidsinstructies in de Productinformatiegids te volgen.
Om u te beschermen tegen elektrische schokken, dient u altijd uw computer los te koppelen van het stopcontact voordat u de klep opent.
Voordat u de klep opent, verwijdert u het slot als er een slot op de achterkant van de computer is geïnstalleerd.
Small Form-Factor, Small Desktop en Small Mini-Tower Computers
MEDEDELING: Zorg ervoor dat er voldoende ruimte is om de open klep te ondersteunen: ten minste 30 cm bureauruimte.
- Verwijder de computerstandaard, indien bevestigd.
- Zoek de twee ontgrendelingsknoppen die in de afbeelding worden weergegeven. Druk vervolgens op de twee ontgrendelingsknoppen terwijl u de klep omhoog tilt.
MEDEDELING: Open de klep langzaam om ervoor te zorgen dat u geen kabels beschadigt.
![]()
- Til de achterkant van de klep op en draai deze naar de voorkant van de computer.
OPMERKING: Wanneer u de small mini-tower-computer opent, drukt u eerst met één hand op de ontgrendelingsknop aan de rechterkant van de computer terwijl u met de andere hand aan de bovenkant van de klep trekt. Druk vervolgens met één hand op de ontgrendelingsknop aan de linkerkant van de computer terwijl u met de andere hand aan de bovenkant van de klep trekt.
![]()
Desktop en Mini-Tower Computers
Zoek de ontgrendelingshendel van de klep aan de achterkant van de computer en druk op de hendel om de klep te ontgrendelen.

Binnenkant van uw computer
Small Form-factor Computer

Small Desktop Computer

Desktop Computer

Small Mini-Tower Computer

Mini-Tower Computer

Uw computer instellen
Voordat u een van de procedures in dit gedeelte uitvoert, moet u de veiligheidsinstructies in de Product Information Guide volgen.
LET OP: als er een uitbreidingskaart in uw computer is geïnstalleerd (zoals een modemkaart), sluit u de juiste kabel aan op de kaart en niet op de connector op het achterpaneel.
U moet alle stappen voltooien om uw computer correct in te stellen. Zie de relevante afbeeldingen die volgen op de instructies.
- Sluit het toetsenbord en de muis aan.
LET OP: probeer niet om tegelijkertijd een PS/2-muis en een USB-muis te gebruiken.
Sluit de modem- of netwerkkabel aan. Steek de netwerkkabel en niet de telefoonlijn in de netwerkconnector. Als u een optionele modem hebt, sluit u de telefoonlijn aan op de modem.
LET OP: sluit geen modemkabel aan op de netwerkadapter. Spanning van telefooncommunicatie kan schade aan de netwerkadapter veroorzaken.- Sluit de monitor aan.
Lijn de monitorkabel uit en steek deze voorzichtig in de connector om te voorkomen dat connector-pinnen verbuigen. Draai de vleugelschroeven op de kabelconnectoren vast.
OPMERKING: sommige monitoren hebben de video connector aan de onderkant van de achterkant van het scherm. Raadpleeg de documentatie die bij uw monitor is geleverd voor de locatie van de connector.
- Sluit de luidsprekers aan.
- Sluit de stroomkabels aan op de computer, monitor en apparaten en steek de andere uiteinden van de stroomkabels in stopcontacten.
- Controleer of de spanningskeuzeschakelaar correct is ingesteld voor uw locatie.
Uw computer heeft een handmatige spanningskeuzeschakelaar. Computers met een spanningskeuzeschakelaar op het achterpaneel moeten handmatig worden ingesteld om te werken op de juiste bedrijfsspanning.
LET OP: om schade aan een computer met een handmatige spanningskeuzeschakelaar te helpen voorkomen, stelt u de schakelaar in op de spanning die het meest overeenkomt met de beschikbare netspanning op uw locatie.
OPMERKING: voordat u apparaten of software installeert die niet bij uw computer zijn geleverd, leest u de documentatie die bij het apparaat of de software is geleverd of neemt u contact op met de leverancier om te controleren of het apparaat of de software compatibel is met uw computer en besturingssysteem.
OPMERKING: uw computer kan enigszins afwijken van de volgende installatieafbeeldingen.
Uw toetsenbord en muis instellen

Uw monitor instellen

Stroomaansluitingen

Problemen oplossen
Dell biedt een aantal tools om u te helpen als uw computer niet naar verwachting presteert. Raadpleeg de Dell Support-website op support.dell.com voor de meest recente informatie over probleemoplossing die beschikbaar is voor uw computer.
Als er computerproblemen optreden die hulp van Dell vereisen, schrijft u een gedetailleerde beschrijving van de fout, piepcodes of diagnostische lichtpatronen; noteer uw Express Service Code en Service Tag hieronder; en neem vervolgens contact op met Dell vanaf dezelfde locatie als uw computer.
Zie 'Informatie zoeken voor uw computer' voor een voorbeeld van de Express Service Code en Service Tag.
Express Service Code:
Service Tag:
Dell Diagnostics
Voordat u begint met een van de procedures in dit gedeelte, volgt u de veiligheidsinstructies in de productinformatiegids.
OPMERKING: De cd met drivers en hulpprogramma's (ResourceCD) is optioneel en wordt daarom mogelijk niet bij alle computers geleverd.
Wanneer de Dell Diagnostics gebruiken
Als u een probleem met uw computer ervaart, voert u de controles uit in 'Problemen oplossen' in de online gebruikershandleiding en voert u de Dell Diagnostics uit voordat u contact opneemt met Dell voor technische assistentie.
LET OP: De Dell Diagnostics werkt alleen op Dell™-computers.
Ga naar systeeminstellingen, bekijk de configuratie-informatie van uw computer en zorg ervoor dat het apparaat dat u wilt testen, wordt weergegeven in de systeeminstellingen en actief is.
Start de Dell Diagnostics vanaf uw harde schijf of vanaf de optionele cd met drivers en hulpprogramma's (ook wel de ResourceCD genoemd).
De Dell Diagnostics starten vanaf uw harde schijf
- Schakel uw computer in (of start deze opnieuw op).
- Wanneer het DELL™-logo verschijnt, drukt u onmiddellijk op <F12>.
OPMERKING: Als u een bericht ziet dat er geen partitie voor diagnostische hulpprogramma's is gevonden, voert u de Dell Diagnostics uit vanaf uw cd met drivers en hulpprogramma's (optioneel).
Als u te lang wacht en het logo van het besturingssysteem verschijnt, blijft u wachten totdat u het bureaublad van Microsoft® Windows® ziet. Sluit vervolgens uw computer af en probeer het opnieuw. - Wanneer de lijst met opstartapparaten verschijnt, markeert u Boot to Utility Partition en drukt u op <Enter>.
- Wanneer het hoofdmenu van Dell Diagnostics verschijnt, selecteert u de test die u wilt uitvoeren.
De Dell Diagnostics starten vanaf de cd met drivers en hulpprogramma's
OPMERKING: De cd met drivers en hulpprogramma's (ResourceCD) is optioneel en wordt daarom mogelijk niet bij alle computers geleverd.
- Plaats de cd met drivers en hulpprogramma's.
- Sluit de computer af en start deze opnieuw op.
Wanneer het DELL-logo verschijnt, drukt u onmiddellijk op <F12>.
Als u te lang wacht en het Windows-logo verschijnt, blijft u wachten totdat u het Windows-bureaublad ziet. Sluit vervolgens uw computer af en probeer het opnieuw.
OPMERKING: De volgende stappen wijzigen de opstartvolgorde slechts eenmalig. Bij de volgende keer opstarten start de computer op volgens de apparaten die zijn opgegeven in de systeeminstellingen.
- Wanneer de lijst met opstartapparaten verschijnt, markeert u IDE CD-ROM Device en drukt u op <Enter>.
- Selecteer de optie IDE CD-ROM Device in het cd-opstartmenu.
- Selecteer de optie Boot from CD-ROM in het menu dat verschijnt.
- Typ 1 om het menu van de ResourceCD te starten.
- Typ 2 om de Dell Diagnostics te starten.
- Selecteer Run the 32 Bit Dell Diagnostics in de genummerde lijst. Als er meerdere versies worden vermeld, selecteert u de versie die geschikt is voor uw computer.
- Wanneer het hoofdmenu van Dell Diagnostics verschijnt, selecteert u de test die u wilt uitvoeren.
Hoofdmenu van Dell Diagnostics
- Nadat de Dell Diagnostics is geladen en het hoofdscherm verschijnt, klikt u op de knop voor de optie die u wilt.
| Optie | Functie |
| Express Test | Voert een snelle test van apparaten uit. Deze test duurt meestal 10 tot 20 minuten en vereist geen interactie van uw kant. Voer Express Test eerst uit om de kans te vergroten dat het probleem snel wordt opgespoord. |
| Extended Test | Voert een grondige controle van apparaten uit. Deze test duurt meestal een uur of langer en vereist dat u periodiek vragen beantwoordt. |
| Custom Test | Test een specifiek apparaat. U kunt de tests die u wilt uitvoeren, aanpassen. |
| Symptom Tree | Geeft een overzicht van de meest voorkomende symptomen en stelt u in staat een test te selecteren op basis van het symptoom van het probleem dat u ondervindt. |
- Als er tijdens een test een probleem wordt gevonden, verschijnt er een bericht met een foutcode en een beschrijving van het probleem. Noteer de foutcode en probleemomschrijving en volg de instructies op het scherm.
Als u de fout niet kunt oplossen, neemt u contact op met Dell.
OPMERKING: De Service Tag voor uw computer bevindt zich bovenaan elk testscherm. Als u contact opneemt met Dell, zal de technische ondersteuning u vragen naar uw Service Tag.
- Als u een test uitvoert vanuit de optie Custom Test of Symptom Tree, klikt u op het toepasselijke tabblad dat in de volgende tabel wordt beschreven voor meer informatie.
| Tabblad | Functie |
| Results | Geeft de resultaten van de test en eventuele fouten weer. |
| Errors | Geeft gevonden fouten, foutcodes en de probleemomschrijving weer. |
| Help | Beschrijft de test en kan vereisten voor het uitvoeren van de test aangeven. |
| Configuration | Geeft uw hardwareconfiguratie voor het geselecteerde apparaat weer. De Dell Diagnostics verkrijgt configuratie-informatie voor alle apparaten uit systeeminstellingen, geheugen en verschillende interne tests, en geeft de informatie weer in de apparaatlijst in het linkerpaneel van het scherm. De apparaatlijst geeft mogelijk niet de namen weer van alle componenten die op uw computer zijn geïnstalleerd of van alle apparaten die op uw computer zijn aangesloten. |
| Parameters | Hiermee kunt u de test aanpassen door de testinstellingen te wijzigen. |
- Wanneer de tests zijn voltooid en u de Dell Diagnostics uitvoert vanaf de cd met drivers en hulpprogramma's (optioneel), verwijdert u de cd.
- Sluit het testscherm om terug te keren naar het hoofdscherm. Om de Dell Diagnostics te verlaten en de computer opnieuw op te starten, sluit u het hoofdscherm.
Systeemlampjes
Het aan/uit-lampje kan een computerprobleem aangeven.
| Aan/uit-lampje | Probleembeschrijving | Aanbevolen oplossing |
| Continu groen | De stroom is ingeschakeld en de computer werkt normaal. | Er is geen corrigerende actie vereist. |
| Knipperend groen | De computer bevindt zich in de sluimerstand (Microsoft® Windows® 2000 en Windows XP). | Druk op de aan/uit-knop, beweeg de muis of druk op een toets op het toetsenbord om de computer te activeren. |
| Knippert enkele keren groen en gaat dan uit | Er bestaat een configuratiefout. | Controleer "Diagnostische lampjes" om te zien of het specifieke probleem is geïdentificeerd. |
| Continu geel | De Dell Diagnostics voert een test uit, of een apparaat op het moederbord is mogelijk defect of onjuist geïnstalleerd. | Als de Dell Diagnostics wordt uitgevoerd, staat u toe dat de test wordt voltooid. Controleer "Diagnostische lampjes" om te zien of het specifieke probleem is geïdentificeerd. Als de computer niet opstart, neemt u contact op met Dell voor technische assistentie. Zie de online gebruikershandleiding voor informatie over contact opnemen met Dell. |
| Knipperend geel | Er is een stroomvoorziening- of moederbordstoring opgetreden. | Controleer "Diagnostische lampjes" om te zien of het specifieke probleem is geïdentificeerd. Zie "Stroomproblemen" in uw online gebruikershandleiding. |
| Continu groen en een piepcode tijdens POST | Er is een probleem gedetecteerd tijdens het uitvoeren van het BIOS. | Zie "Piepcodes" voor instructies over het diagnosticeren van de piepcode. Controleer ook "Diagnostische lampjes" om te zien of het specifieke probleem is geïdentificeerd. |
| Continu groen aan/uit-lampje, geen piepcode en geen video tijdens POST | De monitor of de grafische kaart is mogelijk defect of onjuist geïnstalleerd. | Controleer "Diagnostische lampjes" om te zien of het specifieke probleem is geïdentificeerd. |
| Continu groen aan/uit-lampje en geen piepcode, maar de computer loopt vast tijdens POST | Een geïntegreerd moederbordapparaat is mogelijk defect. | Controleer "Diagnostische lampjes" om te zien of het specifieke probleem is geïdentificeerd. Als het probleem niet is geïdentificeerd, neemt u contact op met Dell voor technische assistentie. Zie de online gebruikershandleiding voor informatie over contact opnemen met Dell. |
Diagnostische lampjes
Volg de veiligheidsinstructies in de productinformatiegids voordat u begint met een van de procedures in dit gedeelte.
Om u te helpen een probleem op te lossen, hebben uw small form factor-, small desktop- en small mini-tower-computers vier lampjes met de aanduidingen "A", "B", "C" en "D" op het achterpaneel. De lampjes kunnen geel of groen zijn. Wanneer de computer normaal start, veranderen de patronen of codes op de lampjes naarmate het opstartproces is voltooid. Als het POST-gedeelte van het opstarten van het systeem succesvol is voltooid, geven alle vier de lampjes continu groen weer. Als de computer tijdens het POST-proces niet goed functioneert, kan het patroon dat op de LED's wordt weergegeven, helpen vast te stellen waar in het proces de computer is gestopt.
OPMERKING: De oriëntatie van de diagnostische lampjes kan variëren, afhankelijk van het systeemtype. De diagnostische lampjes kunnen in een verticale of horizontale richting worden weergegeven.
Y = geel
G = groen
| Lichtpatroon | Probleembeschrijving | Voorgestelde oplossing |
![]() | De computer bevindt zich in een normale "uit"-stand of er is mogelijk een pre-BIOS-fout opgetreden. | Sluit de computer aan op een werkend stopcontact en druk op de aan/uit-knop. |
![]() | Er is mogelijk een BIOS-fout opgetreden; de computer bevindt zich in de herstelmodus. | Voer het hulpprogramma BIOS Recovery uit, wacht tot het herstel is voltooid en start de computer opnieuw op. |
![]() | Er is mogelijk een processorstoring opgetreden. | Installeer de processor opnieuw en start de computer opnieuw op. Raadpleeg uw online gebruikershandleiding voor informatie over het opnieuw installeren van de processor. |
![]() | Er zijn geheugenmodules gedetecteerd, maar er is een geheugenfout opgetreden. |
|
![]() | Er is mogelijk een uitbreidingskaartstoring opgetreden. |
|
![]() | Er is mogelijk een grafische kaartstoring opgetreden. |
|
![]() | Er is mogelijk een diskette- of harde-schijfstoring opgetreden. | Plaats alle stroom- en datakabels opnieuw en start de computer opnieuw op. |
![]() | Er is mogelijk een USB-storing opgetreden. | Installeer alle USB-apparaten opnieuw, controleer de kabelverbindingen en start de computer opnieuw op. |
![]() | Er zijn geen geheugenmodules gedetecteerd. |
|
![]() | Er zijn geheugenmodules gedetecteerd, maar er is een geheugenconfiguratie- of compatibiliteitsfout. |
|
![]() | Er is een andere fout opgetreden. |
|
![]() | De computer bevindt zich in een normale bedrijfsomstandigheid na POST. | Geen. |
Piepcodes
Uw computer kan een reeks pieptonen uitzenden tijdens het opstarten als de monitor geen fouten of problemen kan weergeven. Deze reeks pieptonen, een piepcode genoemd, identificeert een probleem. Een mogelijke piepcode (code 1-3-1) bestaat uit één pieptoon, een reeks van drie pieptonen en vervolgens één pieptoon. Deze piepcode vertelt u dat de computer een geheugenprobleem is tegengekomen.
Als uw computer piept tijdens het opstarten:
- Noteer de piepcode.
- Zie "Dell Diagnostics" om een meer serieuze oorzaak vast te stellen.
- Neem contact op met Dell voor technische ondersteuning. Raadpleeg uw online gebruikershandleiding voor informatie over het opnemen van contact met Dell.
| Code | Oorzaak | Code | Oorzaak |
| 1-1-2 | Microprocessorregisterstoring | 3-1-4 | Slave interrupt mask registerstoring |
| 1-1-3 | NVRAM lees-/schrijffout | 3-2-2 | Interrupt vector loading failure |
| 1-1-4 | ROM BIOS-controlesomfout | 3-2-4 | Keyboard Controller Test failure |
| 1-2-1 | Programmable interval timer failure | 3-3-1 | NVRAM power loss |
| 1-2-2 | DMA-initialisatiefout | 3-3-2 | Ongeldige NVRAM-configuratie |
| 1-2-3 | DMA paginaregister lees-/schrijffout | 3-3-4 | Video Memory Test failure |
| 1-3 | Video Memory Test failure | 3-4-1 | Screen initialization failure |
| 1-3-1 t/m 2-4-4 | Geheugen wordt niet correct geïdentificeerd of gebruikt | 3-4-2 | Screen retrace failure |
| 3-1-1 | Slave DMA registerstoring | 3-4-3 | Search for video ROM failure |
| 3-1-2 | Master DMA registerstoring | 4-2-1 | No timer tick |
| 3-1-3 | Master interrupt mask registerstoring | 4-2-2 | Shutdown failure |
| 4-2-3 | Gate A20 failure | 4-4-1 | Serial or parallel port test failure |
| 4-2-4 | Unexpected interrupt in protected mode | 4-4-2 | Failure to decompress code to shadowed memory |
| 4-3-1 | Memory failure above address 0FFFFh | 4-4-3 | Math-coprocessor test failure |
| 4-3-3 | Timer-chip counter 2 failure | 4-4-4 | Cache test failure |
| 4-3-4 | Time-of-day clock stopped |
Dell™ IDE Hard Drive Diagnostics uitvoeren
De Dell IDE Hard Drive Diagnostics is een hulpprogramma dat de harde schijf test om een harde-schijfstoring op te lossen of te bevestigen.
- Schakel uw computer in (als uw computer al is ingeschakeld, start u deze opnieuw op).
- Wanneer F2= Setup in de rechterbovenhoek van het scherm verschijnt, drukt u op <Ctrl><Alt><d>.
- Volg de instructies op het scherm.
Als er een storing wordt gerapporteerd, raadpleegt u "Harde-schijfproblemen" in het gedeelte "Problemen oplossen" van de online gebruikershandleiding.
Software- en hardware-incompatibiliteiten oplossen
Als een apparaat niet wordt gedetecteerd tijdens de installatie van het besturingssysteem of wel wordt gedetecteerd, maar onjuist is geconfigureerd, kunt u de Hardware Troubleshooter gebruiken om de incompatibiliteit op te lossen. In het Microsoft® Windows® 2000-besturingssysteem kunt u ook Apparaatbeheer gebruiken om incompatibiliteiten op te lossen.
Windows XP
Incompatibiliteiten oplossen met de Hardware Troubleshooter:
- Klik op de knop Start en klik op Help en ondersteuning.
- Typ hardware troubleshooter in het veld Zoeken en klik op de pijl om de zoekopdracht te starten.
- Klik op Hardware Troubleshooter in de lijst met zoekresultaten.
- Klik in de lijst Hardware Troubleshooter op Ik moet een hardwareconflict op mijn computer oplossen en klik op Volgende.
Windows 2000
Om incompatibiliteiten op te lossen met Apparaatbeheer:
- Klik op de Startknop, wijs naar Instellingen en klik op Configuratiescherm.
- Dubbelklik in het venster Configuratiescherm op Systeem.
- Klik op het tabblad Hardware.
- Klik op Apparaatbeheer.
- Klik op Weergave en klik op Resources op verbinding.
- Dubbelklik op Interrupt request (IRQ).
Incorrect geconfigureerde apparaten worden aangegeven met een geel uitroepteken (!) of een rode X als het apparaat is uitgeschakeld. - Dubbelklik op een apparaat dat is gemarkeerd met een uitroepteken om het venster Eigenschappen weer te geven.
Het gebied Apparaatstatus in het venster Eigenschappen rapporteert de kaarten of apparaten die opnieuw moeten worden geconfigureerd. - Configureer de apparaten opnieuw of verwijder de apparaten uit Apparaatbeheer. Raadpleeg de documentatie die bij het apparaat is geleverd voor informatie over het configureren van het apparaat.
Om incompatibiliteiten op te lossen met de Probleemoplosser voor hardware:
- Klik op de Startknop en klik op Help.
- Klik op Probleemoplossing en Onderhoud op het tabblad Inhoud, klik op Windows 2000-probleemoplossers en klik vervolgens op Hardware.
Klik in de lijst Probleemoplosser voor hardware op Ik moet een hardwareconflict op mijn computer oplossen en klik op Volgende.
Microsoft® Windows® XP Systeemherstel gebruiken
Het Microsoft® Windows® XP-besturingssysteem biedt Systeemherstel om uw computer terug te zetten naar een eerdere operationele status (zonder dat dit van invloed is op gegevensbestanden) als wijzigingen aan de hardware, software of andere systeeminstellingen de computer in een ongewenste operationele status hebben gebracht. Raadpleeg het Windows Help en Ondersteuningscentrum voor informatie over het gebruik van Systeemherstel.
LET OP: Maak regelmatig back-ups van uw gegevensbestanden. Systeemherstel bewaakt uw gegevensbestanden niet en herstelt ze ook niet.
Een herstelpunt maken
- Klik op de Startknop en klik op Help en ondersteuning.
- Klik op Systeemherstel.
- Volg de instructies op het scherm.
De computer terugzetten naar een eerdere operationele status
LET OP: Voordat u de computer terugzet naar een eerdere operationele status, slaat u alle geopende bestanden op en sluit u ze af en sluit u alle geopende programma's af. Wijzig, open of verwijder geen bestanden of programma's totdat het systeemherstel is voltooid.
- Klik op de Startknop, wijs naar Alle programma's→ Bureau-accessoires→ Systeemwerkset en klik vervolgens op Systeemherstel.
- Zorg ervoor dat Mijn computer terugzetten naar een eerder tijdstip is geselecteerd en klik op Volgende.
- Klik op een kalenderdatum waarnaar u uw computer wilt terugzetten.
Het scherm Een herstelpunt selecteren biedt een kalender waarmee u herstelpunten kunt bekijken en selecteren. Alle kalenderdatums met beschikbare herstelpunten worden vet weergegeven. - Selecteer een herstelpunt en klik op Volgende.
Als een kalenderdatum slechts één herstelpunt heeft, wordt dat herstelpunt automatisch geselecteerd. Als er twee of meer herstelpunten beschikbaar zijn, klikt u op het herstelpunt van uw voorkeur. - Klik op Volgende.
Het scherm Herstel voltooid verschijnt nadat Systeemherstel klaar is met het verzamelen van gegevens en de computer vervolgens opnieuw wordt opgestart. - Nadat de computer opnieuw is opgestart, klikt u op OK.
Om het herstelpunt te wijzigen, kunt u de stappen herhalen met een ander herstelpunt, of u kunt het herstel ongedaan maken.
Het laatste systeemherstel ongedaan maken
LET OP: Voordat u het laatste systeemherstel ongedaan maakt, slaat u alle geopende bestanden op en sluit u ze af en sluit u alle geopende programma's af. Wijzig, open of verwijder geen bestanden of programma's totdat het systeemherstel is voltooid.
- Klik op de Startknop, wijs naar Alle programma's→ Bureau-accessoires→ Systeemwerkset en klik vervolgens op Systeemherstel.
- Klik op Mijn laatste herstel ongedaan maken en klik op Volgende.
- Klik op Volgende.
Het scherm Systeemherstel verschijnt en de computer wordt opnieuw opgestart. - Nadat de computer opnieuw is opgestart, klikt u op OK.
Systeemherstel inschakelen
Als u Windows XP opnieuw installeert met minder dan 200 MB vrije ruimte op de harde schijf, wordt Systeemherstel automatisch uitgeschakeld. Om te zien of Systeemherstel is ingeschakeld:
- Klik op de Startknop en klik op Configuratiescherm.
- Klik op Prestaties en Onderhoud.
- Klik op Systeem.
- Klik op het tabblad Systeemherstel.
- Zorg ervoor dat Systeemherstel uitschakelen niet is aangevinkt.
Microsoft® Windows® XP opnieuw installeren
Voordat u begint
Als u overweegt het Windows XP-besturingssysteem opnieuw te installeren om een probleem met een nieuw geïnstalleerd stuurprogramma op te lossen, probeer dan eerst Windows XP Apparaatstuurprogramma terugdraaien te gebruiken. Als Apparaatstuurprogramma terugdraaien het probleem niet oplost, gebruik dan Systeemherstel om uw besturingssysteem terug te zetten naar de operationele status waarin het zich bevond voordat u het nieuwe apparaatstuurprogramma installeerde.
LET OP: Maak voordat u met de installatie begint een back-up van alle gegevensbestanden op uw primaire harde schijf. Voor conventionele harde schijfconfiguraties is de primaire harde schijf de eerste schijf die door de computer wordt gedetecteerd.
Om Windows XP opnieuw te installeren, hebt u de volgende items nodig:
- Dell™ Besturingssysteem-cd
- Dell Drivers en Hulpprogramma's-cd
OPMERKING: De cd Drivers en Hulpprogramma's bevat stuurprogramma's die tijdens de assemblage van de computer zijn geïnstalleerd. Gebruik de cd Drivers en Hulpprogramma's om alle vereiste stuurprogramma's te laden, inclusief de stuurprogramma's die vereist zijn als uw computer een RAID-controller heeft.
Windows XP opnieuw installeren
LET OP: U moet Windows XP Service Pack 1 of later gebruiken wanneer u Windows XP opnieuw installeert.
Om Windows XP opnieuw te installeren, voert u alle stappen in de volgende secties uit in de volgorde waarin ze worden vermeld.
Het herinstallatieproces kan 1 tot 2 uur duren. Nadat u het besturingssysteem opnieuw hebt geïnstalleerd, moet u ook de apparaatstuurprogramma's, het virusbeschermingsprogramma en andere software opnieuw installeren.
LET OP: De besturingssysteem-cd biedt opties voor het opnieuw installeren van Windows XP. De opties kunnen bestanden overschrijven en mogelijk programma's beïnvloeden die op uw harde schijf zijn geïnstalleerd. Installeer Windows XP daarom niet opnieuw, tenzij een technisch ondersteuningsmedewerker van Dell u daartoe instrueert.
LET OP: Om conflicten met Windows XP te voorkomen, schakelt u alle virusbeschermingssoftware die op uw computer is geïnstalleerd uit voordat u Windows XP opnieuw installeert. Raadpleeg de documentatie die bij de software is geleverd voor instructies.
Opstarten vanaf de besturingssysteem-cd
- Sla alle geopende bestanden op en sluit ze af en sluit alle geopende programma's af.
- Plaats de besturingssysteem-cd. Klik op Afsluiten als het bericht Windows XP installeren verschijnt.
- Start de computer opnieuw op.
- Druk op <F12> direct nadat het DELL™-logo verschijnt.
Als het logo van het besturingssysteem verschijnt, wacht u tot u het Windows-bureaublad ziet en sluit u de computer af en probeert u het opnieuw. - Druk op de pijltoetsen om CD-ROM te selecteren en druk op <Enter>.
- Wanneer het bericht Druk op een toets om op te starten vanaf cd verschijnt, drukt u op een willekeurige toets.
Windows XP Setup
- Wanneer het Windows XP Setup-scherm verschijnt, druk dan op <Enter> om Te set-up van Windows nu (Windows nu instellen) te selecteren.
- Lees de informatie op het Microsoft Windows Licensing Agreement-scherm en druk op <F8> om de licentieovereenkomst te accepteren.
- Als er al Windows XP op uw computer is geïnstalleerd en u uw huidige Windows XP-gegevens wilt herstellen, typ dan r om de reparatieoptie te selecteren en verwijder de cd.
- Als u een nieuwe kopie van Windows XP wilt installeren, drukt u op <Esc> om die optie te selecteren.
- Druk op <Enter> om de gemarkeerde partitie te selecteren (aanbevolen) en volg de instructies op het scherm.
Het Windows XP Setup-scherm verschijnt en het besturingssysteem begint met het kopiëren van bestanden en het installeren van de apparaten. De computer start automatisch meerdere keren opnieuw op.
LET OP: De tijd die nodig is om de installatie te voltooien, is afhankelijk van de grootte van de harde schijf en de snelheid van uw computer.
LET OP: Druk niet op een toets wanneer het volgende bericht verschijnt: Press any key to boot from the CD (Druk op een willekeurige toets om op te starten vanaf de cd). - Wanneer het scherm Regionale en taalopties verschijnt, selecteert u de instellingen voor uw locatie en klikt u op Volgende.
- Voer uw naam en organisatie (optioneel) in het scherm Uw software personaliseren in en klik op Volgende.
- Voer in het venster Computernaam en beheerderswachtwoord een naam in voor uw computer (of accepteer de opgegeven naam) en een wachtwoord, en klik op Volgende.
- Als het scherm Modem-inbelgegevens verschijnt, voert u de gevraagde informatie in en klikt u op Volgende.
- Voer de datum, tijd en tijdzone in het venster Datum- en tijdinstellingen in en klik op Volgende.
- Als het scherm Netwerkinstellingen verschijnt, klikt u op Typisch en klikt u op Volgende.
- Als u Windows XP Professional opnieuw installeert en u wordt gevraagd om meer informatie te verstrekken over uw netwerkconfiguratie, voert u uw selecties in. Als u niet zeker bent van uw instellingen, accepteert u de standaardselecties.
Windows XP installeert de onderdelen van het besturingssysteem en configureert de computer. De computer start automatisch opnieuw op.
LET OP: Druk niet op een toets wanneer het volgende bericht verschijnt: Press any key to boot from the CD (Druk op een willekeurige toets om op te starten vanaf de cd). - Wanneer het scherm Welkom bij Microsoft verschijnt, klikt u op Volgende.
- Wanneer het bericht Hoe maakt deze computer verbinding met internet? verschijnt, klikt u op Overslaan.
- Wanneer het scherm Klaar om te registreren bij Microsoft? verschijnt, selecteert u Nee, nu niet en klikt u op Volgende.
- Wanneer het scherm Wie gaat deze computer gebruiken? verschijnt, kunt u maximaal vijf gebruikers invoeren.
- Klik op Volgende.
- Klik op Voltooien om de installatie te voltooien en verwijder de cd.
- Installeer de juiste stuurprogramma's opnieuw met de cd met stuurprogramma's en hulpprogramma's.
- Installeer uw virusbeschermingssoftware opnieuw.
- Installeer uw programma's opnieuw.
LET OP: Om uw Microsoft Office- of Microsoft Works Suite-programma's opnieuw te installeren en te activeren, hebt u het productcode-nummer nodig dat zich op de achterkant van de cd-sleeve van Microsoft Office of Microsoft Works Suite bevindt.
De cd met drivers en hulpprogramma's gebruiken
OPMERKING: De cd met drivers en hulpprogramma's (ResourceCD) is optioneel en wordt daarom mogelijk niet bij alle computers geleverd.
De cd met drivers en hulpprogramma's (ook wel ResourceCD genoemd) gebruiken terwijl u het Windows-besturingssysteem gebruikt:
OPMERKING: Voor toegang tot apparaatdrivers en gebruikersdocumentatie moet u de cd met drivers en hulpprogramma's gebruiken terwijl u Windows gebruikt.
- Schakel de computer in en laat deze opstarten naar het Windows-bureaublad.
- Plaats de cd met drivers en hulpprogramma's in het cd-station.
Als u de cd met drivers en hulpprogramma's voor het eerst op deze computer gebruikt, wordt het venster ResourceCD Installation geopend om u te informeren dat de cd met drivers en hulpprogramma's gaat beginnen met de installatie. - Klik op OK om door te gaan.
Om de installatie te voltooien, beantwoordt u de vragen van het installatieprogramma. - Klik op Next (Volgende) in het scherm Welcome Dell System Owner (Welkom Dell-systeembezitter).
- Selecteer het juiste System Model (Systeemmodel), Operating System (Besturingssysteem), Device Type (Apparaattype) en Topic (Onderwerp).
Drivers voor uw computer
Een lijst met apparaatdrivers voor uw computer weergeven:
- Klik op My Drivers (Mijn drivers) in het vervolgkeuzemenu Topic (Onderwerp).
De cd met drivers en hulpprogramma's (optioneel) scant de hardware en het besturingssysteem van uw computer, waarna een lijst met apparaatdrivers voor uw systeemconfiguratie op het scherm wordt weergegeven. - Klik op de juiste driver en volg de instructies om de driver naar uw computer te downloaden.
Als u alle beschikbare drivers voor uw computer wilt bekijken, klikt u op Drivers in het vervolgkeuzemenu Topic.
Download handleiding
Hier kunt u de volledige pdf-versie van de handleiding downloaden. Deze kan aanvullende veiligheidsinstructies, garantie-informatie, FCC-regels, enz. bevatten.
Download Dell OptiPlex GX280 DHP, OptiPlex GX280 DHS, OptiPlex GX280 DCNE Handleiding

















LET OP: Druk niet op een toets wanneer het volgende bericht verschijnt: Press any key to boot from the CD (Druk op een willekeurige toets om op te starten vanaf de cd).